9 juli donderdag
Door: Ria
Blijf op de hoogte en volg Ria
10 Juli 2015 | IJsland, Dalvík
Bah, we zijn al op de helft en ik wil nog zoveel. Vandaag moeten we naar ons volgende appartement. We zijn een goed team, dus het inpakken en schoonmaken is een fluitje van een cent. Tegen negen uur rijden we al. We moeten de ringweg verder volgen met de klok mee. We rijden dus dezelfde weg als dinsdag. Nu slaan we de waterval over, drinken een kop koffie bij het muggenmeer en laten ons niet verleiden door het geothermische gebied met het solfatarenveld en de kraters. Gelukkig hebben we een klein stukje verder ook nog een mooie tussenstop:
De Dettifoss is een beroemde waterval in de gletsjerrivier Jökulsá á Fjöllum. Jaarlijks voert deze rivier vijf miljoen ton klei naar zee. De twintig kilometer op weg naar de waterval lijkt wel een maanlandschap. Hier groeit werkelijk niets, ik zie alleen maar lavagruis, amper rotsblokken, nee alleen maar gruis in een iets heuvelachtig gebied. Het is gewoon gek om in zo'n landschap te rijden. Vanaf de vrij drukke parkeerplaats is het nog één kilometer lopen naar de waterval. Hier liggen wel grote stukken steen. Dit is een oude, drooggevallen rivierbedding. Het is koud. Toen we vanmorgen vertrokken, klom het kwik langzaam van vijf naar zeven graden. Hier is het maar vier graden, er staat een stevige wind en het miezert. We trekken verschillende laagjes over elkaar en een muts kan ook geen kwaad. Over alles heen nog een dun plastic ding, dat onze rugtasjes en de foto- en filmapperatuur droog moet houden. Bij de waterval gekomen, weten we niet of we nou nat worden van de waterval, die heerlijk bruist en spettert en nevels over ons heen gooit, of van de miezerregen.
De waterval is prachtig. Hij is 44 meter hoog en 100 meter breed. We hebben ook een heel mooi uitzicht over de kloof Jökulsá. Met een lengte van 25 kilometer, een gemiddelde breedte van 500 meter en een diepte van soms meer dan 100 meter is dit de grootste canyon van IJsland. Stroomopwaarts bevindt zich nóg een waterval, de Selfoss, deze is slechts 13 meter hoog, maar natuurlijk wandelen we ernaartoe, want de wandeling door die drooggevallen bedding (nou ja, je moet soms echt wel even over het water springen) is heel erg mooi. Je kunt ook nog naar een volgende waterval lopen, maar dat gaat bijna een dagtrip worden en wij moeten nog heel wat kilometers maken.
Op de parkeerplaats eten we een broodje in de auto, want het is echt koud. Dan rijden we de ringweg verder naar het oosten. Ook hier is het bijzonder kaal. Er groeit mos op de hellingen, maar verder is er niets te zien. We rijden door een heuvelachtige hoogvlakte met enkele hoge bergketens. De meeste boerderijen werden na de vulkaanuitbarsting van 1875 verlaten. Het landschap werd bedolven onder as en puimsteen en nu groeit er voorzichtig wat mos en gras. Er zijn ook hele stukken, tientallen kilometers lang, dat er echt niets is. Er woont hier niemand, er lopen geen schapen, we zien geen vogels. Nee, ook geen verkeerslichten, snelheidscontrole's, alleen soms een tegenligger. We nemen af en toe een korte stop, om niet in slaap te vallen, hoewel we er volop van genieten. Na zo'n 100 kilometer wordt het landschap weer groener. We naderen Egilstadir. We zijn er nog niet, we moeten nog 85 kilometer. De weg wordt slechter, op een gegeven moment is hij niet meer geasfalteerd en zeker 25 kilometer is deze 'hoofdweg' het domein van de loslopende schapen. Het is hier prachtig, we zien bordjes van wandelroutes en mijn loopschoenen beginnen zachtjes op de autovloer te tikken. Het is inmiddels droog geworden, maar ook al zes uur, nee we zijn nieuwsgierig naar ons volgende huisje.
Na een dikke 400 kilometer zijn we nu ergens in niemandsland. Niet ver van Breiddalsvik, een kustplaatsje in het uiterste oosten. In een groot, groen, ruig gebied staan drie huisjes op een helling, het middelste mogen wij voor een paar nachtjes gebruiken. Er is hier niets. Ik had gelukkig nog wat eten om klaar te maken, maar een ontbijt zit er niet meer in morgenochtend. Hooguit een cracker. Peter kan amper verbinding krijgen met zijn smartphone. Jammer, gisteravond is het via zijn mobieltje gelukt mijn dagboek te plaatsen, ik ben benieuwd of het nu ook lukt.
-
11 Juli 2015 - 08:20
Marcelle:
Dit is een heel speciaal landschap. Wat een bijzondere reis. Ik vind het moedig, kou en miezer trotseren maar het is het waard zo te lezen. Groet! -
31 Juli 2015 - 11:45
Leny:
Ik krijg kippenvel van dit verslag
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley